De Cevennen is niet het meest bekende Franse vakantiegebied. De toeristische belangstelling voor de Dordogne en de Provence is vele malen groter. En dat is best raar omdat het een van de meest ongerepte en karakteristieke gebieden van Frankrijk is.

Het Parc National des Cévennes is liefst 90.000 hectare groot. Het is een middelgebergte, met als hoogste toppen de Mont Lozère (1700 m) en de Mont Aigoual (1565 m). Het landschap is er ruw en ongeschonden. Saint-Hippolyte-du-Fort ligt aan de voet van dit gebied. In het dorp heb je uitzicht op de heuvels van de Cevennen. Het is een ideaal wandelgebied.

In 1878 reisde de Schotse auteur Robert Louis Stevenson door de  streek. Hij maakte die tocht te voet en in gezelschap van Modestine, zijn ezel. Dit enthousiaste reisverslag kun je nu nog nalezen in zijn boeiende boek ‘Travels with a Donkey in the Cévennes’.
Een ding kunnen we nog leren van Stevenson: om deze prachtige streek te verkennen, kun je het beste je wandelschoenen aantrekken. Kriskras door het landschap lopen verschillende grand randonnees zodat je nogal wat combinatiemogelijkheden hebt.

In 1978 werd de Grande Randonnee 70 in het leven geroepen, een wandelroute van 250 kilometer die het reisverslag van Stevenson nauwgezet volgt. De tocht is nu min of meer een toeristische attractie in de streek, compleet met verhuurders van ezels, gidsen, onderkomens en restaurants.

Omdat de streek vlakbij de Middellandse Zee ligt, heerst hier een mediterraan klimaat. Dat wil zeggen: warme zomers en korte, koude winters. Dank zij deze klimatologische tegenstellingen beschikken de Cevennen over een rijke flora en fauna. In het voorjaar kun je genieten van de overweldigende bloemenpracht en worden de reukorganen gestimuleerd door heerlijke kruidengeuren.
Het hele jaar zweven buizerd, wouw en sperwer hoog in de lucht en kun je er met wat geluk dassen, hermelijnen en everzwijnen aantreffen. De trots van de streek is de ‘châtaignier’ of de tamme kastanje. Deze boomsoort vind je bijna overal tot op een hoogte van zevenhonderd meter. Vanaf midden oktober zijn de eetbare kastanjes rijp en worden ze in allerlei streekgerechten verwerkt.

Het heeft trouwens een groot voordeel dat de Cevennen nog niet overspoeld zijn door toerisme. Je zou kunnen zeggen dat de Cevennen de Dordogne van de jaren vijftig en zestig is, de streek waar Frankrijk nog Frankrijk is.
Les Trois Comtes is een prima uitvalsbasis om die wandelingen te maken. We zijn in het bezit van wandelkaarten en kunnen u verder helpen met goede tips.